Mannen geloven het vaak niet maar winkelen is een inspannende bezigheid. Zeker als ik met een klant aan het personal shoppen ben, is het hard werken geblazen. Niet alleen voor mij, ook voor de klant.

Niks ontspannen langs etalages slenteren en af en toe een boetiekje induiken. Nee, het is continue kleding aantrekken, bevindingen bespreken, kleren weer uitdoen, volgende set aan, uit, aan, uit, eigen kledij weer aantrekken, nog wat aanvullende informatie, afrekenen en op naar de volgende winkel. En dat zo’n drie tot vier uur lang.

Ik loop heel wat meters af tijdens de sessie. Als we een paar potentiële aanwinsten gevonden hebben, stuur ik de klant alvast naar de paskamer. De tijd die ze nodig heeft om zich te verkleden, gebruik ik om verder te speuren naar nog onontdekte juweeltjes. Om deze vervolgens bij het pashokje af te leveren. Wat mij weer tijd geeft om te zoeken etc.

Klant en ik moeten voordurend onze aandacht er bij houden. Na een paar uur zijn we beiden helemaal gaar. Maar wel in het bezit van een leuke garderobe. En dat maakt het de moeite waard.

Laatst voegde een klant me na afloop toe: “ik heb nog nooit zo lang gewinkeld en heb ook nog nooit zoveel ineens gekocht. Ik had het totaal niet verwacht, maar ik vond nog leuk ook!” En dat voor iemand die bij de kennismaking zei dat ze een hekel aan shoppen heeft.

Kijk, daar doe ik het voor.

Om een vast inkomen te hebben, werk ik partime bij een netbeheerder. Hoewel, niet alleen voor het regelmatige inkomen. Ik zou het “hoe was je weekend?” teveel gaan missen als ik alleen voor kledingadviseur speel. Als imago professional heb ik uiteraard wel branchegenoten maar die zie ik alleen bij bijeenkomsten. Of ik spreek ze per telefoon of mail. Maar daar zit niet veel regelmaat in en persoonlijke zaken komen al helemaal niet aan de orde.

Af en toe kom ik situaties tegen waar beide banen elkaar raken. Meestal kan ik deze twee goed van elkaar scheiden, soms niet. Ik heb voor het overgrote deel mannelijke collega’s. Vrouwen zijn zwaar ondervertegenwoordigd bij netbeheerders. Als er al vrouwen werken, is het vaak bij personeelszaken, klantenservice en soortgelijke afdelingen. Maar ik weet geen vrouwelijke monteur aan te wijzen. 

Ik ken eigenlijk maar één vrouw met een technische achtergrond. Het duurde ongeveer een maand voordat ik in de gaten had dat zij een vrouw was. Ze kleedt zich zo vormloos dat me dat helemaal ontgaan was. Ook haar haarsnit geeft geen vrouwelijke signalen af en haar stem hoor je zelden.

Ik heb al een paar keer aangeboden om haar te helpen met haar uiterlijk. Omdat ik zie dat ze enorm met haar kleding worstelt, wil ik er niet eens voor betaald worden. Vrouwen moeten solidair zijn in een mannenwereld. Helaas durft ze niet. Mompelend slaat ze elk aanbod af met de mededeling dat ze haar zus, indien nodig, wel raadpleegt. Ik kan natuurlijk een flauwe opmerking maken dat zuslief zo te zien al jaren niet in de buurt is geweest maar om de collegiale banden niet al te veel te verstoren, laat ik dat maar.

Ik blijf hopen dat mijn collega eens de stap durft te wagen. Ik wil haar niet veranderen in iets wat ze niet is. Volgens mij is ze daar bang voor. Dat ik haar rokjes met pumps wil aansmeren. Of diepe decolletees met kant. Haar grootste problemen zijn met een paar simpele aanpassingen verholpen. Zonder dat ze zich ineens compleet anders moet kleden. Jammer dat ze het zichzelf zo moeilijk maakt. 

In Weert ontkom je dezer dagen niet aan carnaval. Of je er nu wel of niets mee hebt. Winkels zijn gesloten, collega’s zijn niet te bereiken, het normale leven staat stil. Knap lastig, dat je nergens en bij niemand terecht kunt.

Uit deze regels kan je al halen dat ik niet zoveel met vastelaovond (carnaval op zijn Limburgs) op heb. Ik vind het leuk om te zien, maar niet om mee te doen. En ik baal dat ik elke keer weer mijn plannen moet bijstellen. Oh nee, dat kan nu niet want het is carnaval.

Het zien zit hem voornamelijk in de pekskes (kleding) die de feestvierders aanhebben. Ik kan het wel waarderen, al die kleuren en vormen. Je kunt zien dat sommigen er veel werk aan hebben gehad. Niet voor niets kan je al maanden van te voren speciale carnavalsstoffen kopen. Die tijd hebben ze ook hard nodig voor hun creaties. Sommigen leven zich echt volledig uit. Anderen gaan helemaal los met artistieke schmink. Maar of ze nu het één of het ander doen, of allebei, petje af voor de kunstenaars.

Als ik al die mooi aangeklede en geschminkte mensen zie lopen, gaat het wel een beetje kriebelen. Het lijkt me leuk om me ook eens zo exorbitant uit te dossen. Even helemaal anders dan anders. Vooral niet esthetisch verantwoord, dat moet ik de rest van het jaar al zijn. Er wordt op je gelet als je kledingadviseur bent.

Ik kan natuurlijk een pekske maken. Maar een kostuum naaien en deze niet dragen, gaat mij wat ver. En theatrale schmink zonder publiek heeft niet zo veel zin. De kat zal me er niets aardiger om vinden. Jammer dat ik geen carnavalist ben. Dan had ik er ook geen last van dat alles gesloten is. Misschien volgend jaar toch eens proberen?

Kleding zegt veel over iemand. Je kunt je schouders er over ophalen en denken: het gaat toch om wie ik ben en niet om wat ik aanheb? Ok, je mag er zo over denken. Maar hoe weet iemand hoe je van binnen bent als die ander alleen op jouw buitenkant kan afgaan? Je kleding kan een totaal verkeerd beeld van je oproepen.  

Draag je een compleet zwarte outfit dan spreken mensen je minder gemakkelijk aan dan in kleding die meer kleur laat zien. Als je heel diep decolleté en minirok aanhebt, trek je een ander soort aandacht dan in een mantelpakje met coltrui. Het hoeft allemaal geen bezwaar te zijn als je dit ook echt wilt. Maar dat is vaak nou net het probleem: de boodschap die je uitzendt met je kleding komt niet overeen met de indruk die je wilt maken. Of met je persoonlijkheid.

Wat echt bij je past, is voor iedereen anders. Ook al ben je hetzelfde kleurtype en heb je dezelfde bodyline als je buurvrouw, je zult je toch anders kleden dan zij doet. De één is nu eenmaal wat stoerder, de ander wil graag haar vrouwelijkheid benadrukken en de volgende is heel humorvol. Enzovoort.

Aan mij de taak om iemands innerlijk te vertalen naar een garderobe. Rekening houdend met bodyline en kleurtype. En haar portomonnee, beroep en kledingstijl. Maar dat vind ik leuk. Een uitdaging, elke klant weer opnieuw.

Ik heb laatst een heel goed boek hierover gelezen: ‘kleding als taal’ van Eva Hollander. Een aanrader voor iedereen die over zijn/haar uitstraling wil nadenken. En wil je daarna nog hulp? Ondergetekende heeft nog wel ruimte in haar agenda…..

Ik heb me voorgenomen dit jaar flink te investeren in mijn lesmaterialen. Ik kan heel veel vertellen en de klant zich er iets bij laten verbeelden. Of ik kan het duidelijk maken met concrete voorbeelden. Bijvoorbeeld met een collage. Voor sommigen een uitkomst. Het geeft wat meer houvast. Ze vinden de lesstof al moeilijk genoeg zonder dat ze hun fantasie moeten gebruiken. De voorbeelden zijn echter niet altijd voorhanden. Ik kan ook onmogelijk voor alles een collage of model hebben.

Eén item is sinds deze week opgelost. De halslijnen. Een heel belangrijk criterium voor kleding. Verkeerde halslijn = de rest kan nog zo leuk zijn, goed kleuren etc., het kledingstuk zal je nooit helemaal recht doen. Of je moet allerlei kunstgrepen gaan uithalen. Wat wel kan maar noodsprongen blijven.

Tot nu toe gebruikte ik sjaaltjes om de halslijn te bepalen. En hoe simpel dit ook is, het werkt prima. Aangevuld met collages kon ik me goed redden. Ook klanten konden hiermee uit de voeten. Maar toch. Ik vond het jammer dat ik het niet tastbaar kon maken.

Maar sinds een week ben ik de trotse eigenaar van zeven voorbeeldkragen en halslijnen. Mijn moeder heeft me geweldig geholpen en de modellen voor me gemaakt. Ik ben hier heel erg blij mee. Dus dank je wel, mam.

Ik blijf de halslijn bepalen met een sjaal. Maar nu kan ik daarna bij iemand ook echt de verschillen laten zien. Mijn bedrijf is weer een stukje completer geworden. Ik ben benieuwd hoe klanten dit vinden.

Maar de volgende dag geen telefoontje, alleen een mail. Zijn auto moest op de workshopdag naar de garage. Of ik hem daarom even op kon halen. Nu zou dat een omweg van minimaal drie kwartier heen en drie kwartier terug betekenen. Tsja, daar had ik in mijn planning voor die dag geen rekening mee gehouden. Dus ophalen lukte niet. Maar vreemd dat je een afspraak voor een beurt maakt als je al zes weken weet dat je die dag een afspraak hebt…

Om een heel lang verhaal kort te maken: daags ervoor, om zeven uur ’s avonds, deelde Arthur mee dat hij helaas geen vervangend vervoer had kunnen regelen en niet kon komen. Tot die tijd bleef hij er wazig over. Ik voelde het al aankomen, hij reageerde maar niet op mijn voicemailberichten. Ik kreeg alleen verzoeken hem terug te mailen. Maar dat schiet niet op. Afstemmen per mail is omslachtig en ineffectief. Ik wilde hem gewoon spreken. 

Ik had de organisatie ’s middags al ingelicht wat er speelde. Zij hadden alle begrip voor de situatie, gelukkig. Maar ja, ik had geen presentatie voor de mannen voorbereid. En op zo korte termijn lukt het niet om nog een powerpoint te maken. Daar heb ik wel iets meer dan een dag voor nodig. En zelfs een week is krap. Met wat inventief kunst- en vliegwerk heb ik toch een programma in elkaar gedraaid. Volgens mij hebben de studenten nauwelijks gemerkt dat het laatste minuutwerk was.

Ik heb Arthur nog gevraagd om zijn presentatie op te sturen. Dan had ik tenminste nog iets. Maar zijn enige reactie was dat hij deze nog niet aangepast had. Toen ik voorstelde om dan maar de onaangepaste versie te sturen, bleef het stil.

Wat voelde ik me belazerd. Niet alleen omdat hij zonder enige tegenprestatie mijn (mooie, daar was iedereen het over eens) presentatie heeft gekregen. Ook omdat hij mijn reputatie op het spel heeft gezet. Ik kon niet de kwaliteit leveren die ik anders had geleverd.

Arthur had voortdurend geen tijd om mij te bellen. Maar wel tijd om tijdens afspraken met zijn klanten zijn voicemail te beluisteren en mij terug te mailen. Vreemd. En wie plant er een beurt voor zijn auto terwijl je al zes weken weet dat je die dag een afspraak hebt? Volgens mij was Arthur nooit van plan om te komen. Dus, doe geen zaken met Suitalia. Onbetrouwbaar en houdt zich niet aan afspraken. U bent gewaarschuwd.

Hoewel ik een eenmansbedrijfje heb, werk ik soms ook samen met anderen. Logisch, sommige opdrachten zijn zo omvangrijk dat ik dit niet alleen af kan. Of ik heb niet de juiste kennis in huis. Dan is het maar wat handig als anderen de lacune kunnen aanvullen. En soms is het gewoon leuk om ergens met zijn tweeën te zijn. Altijd maar alleen is ook maar alleen.

Voor een opdracht aan de Hogeschool Avans in Den Bosch (100 studenten M/V vertellen wat de dresscode voor zakelijke kleding is) bood een collega aan om dit samen te doen. Nou ja, collega… hij verkocht maatpakken en zag dit als een gelikte kans om zijn pakken ook aan deze studenten te slijten. Hij vertelde dat hij een presentatie had die op zakelijke mannenkleding gericht is. Ik had deze nog niet en er eentje maken kost veel tijd. Dus het voorstel kwam mij goed uit. Dan hoefde ik alleen mijn presentatie over vrouwelijke zakelijke kleding een beetje op te poetsen. Voor de duidelijkheid: de opdracht werd niet betaald, ik kreeg alleen een vergoeding van de reiskosten.

Ongeveer een week van te voren probeerde ik Arthur te bellen. Het leek me handig als we de beide presentaties naast elkaar zouden leggen zodat we geen inhoudelijke overlap hadden. Maar hoe vaak ik een bericht insprak op zijn voicemail, geen telefoontje van Arthur. Vier dagen later belde hij pas. Excuses, hij was druk geweest. Of ik mijn presentatie kon opsturen dan belde hij de dag erop terug om alles te bespreken. Zijn excuses aanvaard en de presentatie via de mail verzonden.

Wordt vervolgd

Mijn workshops hou ik bij de mensen thuis. Niet omdat ik dat erg handig vindt, dat is het namelijk niet altijd maar uit noodzaak. Ik heb stomweg geen geschikte ruimte aan huis waar ik een groepje kan ontvangen. En ik kan moeilijk van mijn gezin verwachten dat zij elke keer als ik een workshop hou het veld ruimen.

Dus heb ik vanaf het begin gekozen om de workshops elders te houden. Wat inhoudt dat ik telkens al mijn spullen mee moet nemen. Logistiek niet echt handig. Ik gebruik soms mijn eigen accessoires. Die zitten niet standaard in de koffer. En voor ik het weet, vergeet ik iets mee te nemen. Of kan ik mijn riem niet vinden omdat deze, je raadt het al, in de koffer zit. En ik dat vergeten ben.

Al mijn materialen en benodigdheden zitten dus in een grote koffer. Een hele grote koffer. Een loodzware hele grote koffer. Die koffer heeft wieltjes dus de meeste tijd kan ik deze achter me aan trekken. Hij blijft dan evengoed zwaar maar het is te doen.

Zaterdag had ik een workshop met zes dames. De gastvrouw had een prachtige workshopruimte….. op zolder. Daar moest niet alleen ik maar ook de koffer naar toe. Oeps.

Een trap zonder leuning. Steil en nog niet helemaal af; er waren nog wat losse onderdelen. En oh ja, de stucadoor was net gisteren geweest. Of ik daar op wilde letten bij de beklimming.

Daar ging Marielle. Op haar hoge hakken, lekker wankel. De koffer achter me aan zeulend. Ik zweette peentjes. Ik zag mezelf al met valies en al onderaan de trap liggen. Of gaten in de vers gestucte muur stoten. Wat was ik blij toen ik eindelijk boven was.

Als ik ooit nog eens rijk wordt, wil ik een praktijkruimte aan huis. Hoef ik niet meer bang te zijn voor enge trappen of kwetsbare muren.  

In 2007 werd mij gevraagd of ik een bijdrage wilde leveren aan de ‘besturendag’. Bestuursleden van verenigingen werden op die dag in het zonnetje gezet. Het was de bedoeling dat ik zonder de deelnemers iets in rekening te brengen een leuke activiteit zou organiseren. Nu wilde ik dat wel maar ik had geen idee hoe ik dat aan kon pakken. Een workshop kledingadvies werd wat te begrotelijkvoor mij dus het moest iets anders worden.

Na lang nadenken kreeg ik het plan om een presentatie over kleuren te houden. Zo konden er veel mensen meedoen en het zou mij niet zoveel geld kosten. Ik had graag willen zeggen ‘zo gezegd zo gedaan’ maar er zat veel meer werk aan dan ik van te voren had ingeschat.

De lezing was een succes. Dit bracht mij op het idee om hem nog een keer te houden voor de vrouwenvereniging waar mijn moeder voorzitter van was. Zo waren het aantal uren dat ik eraan besteed had niet voor eenmalig gebruik.

In de zaal zaten mijn moeder, een tante en mijn oma. Toch was ik niet zenuwachtig. Dat was voor mij reden om de lezing ook aan andere verenigingen aan te bieden. Als ik de kritische ogen van familie overleef, overleef ik de rest ook wel.

Ik heb in de gemeentegidsen van de gemeentes rondom Weert alle vrouwenverenigingen opgezocht. Waar een e-mailadres bij stond, heb ik aangeschreven. Het liep gelijk storm. En dat bleef het drie jaar doen. Toen had ik de meeste verenigingen in de buurt gehad. En een paar wat verder weg.

Ik heb nog even geprobeerd een tweede lezing in de markt te zetten. Na wat navraag heb ik die tweede niet afgemaakt. Er was gewoon geen belangstelling voor. Maar de ervaringen die ik heb opgedaan met de eerste lezing, had ik niet willen missen. En wie weet, misschien komt er ooit toch een tweede.

In de beginjaren heb ik een aantal freelance opdrachten voor Wilmark mogen doen. Dit bedrijf organiseerde ‘looking good’ avonden voor bijvoorbeeld bankpersoneel. Wilmark bestaat overigens niet meer dus deze lucratieve opdrachten zijn helaas verleden tijd.

Eén van die avonden vond vlak bij Weert plaats. Prettig want dat scheelt veel reistijd. Ik ben ook wel eens in Groningen geweest. Ik bedoel maar.

Aan het eind van de avond presenteerde Wilmark altijd vier collega’s die een complete metamorfose hadden gekregen. Zo’n make-over zoals je ook in tv-programma’s ziet, met alles d’rop en d’ran. Twee mannen en twee vrouwen.

Stralend liepen ze over de catwalk. Complimenten alom. Ze zagen er dan ook, eerlijk is eerlijk, altijd helemaal top uit.

Ik vroeg me echter altijd af hoelang ze zo stralend bleven. Ik kan me niet voorstellen dat je echt iets leert van deze eenmalige actie. Zeker niet als het over je heen komt en je als een pop alle kanten op wordt gesleurd zonder enige eigen inbreng. 

Tot mijn vreugde zag ik twee maanden na die looking good avond één van de deelnemers. Ik besloot haar eens uit te vragen. Hoe lang was het effect bij die vier gebleven?

Nou, dat viel tegen. Eén van de vrouwen had heur haar de dag erna alweer in het vertrouwde staartje. Bij de anderen was er na een week respectievelijk twee weken niets meer van te vinden. Het sterkte mij in mijn mening. Een klant moet zelf de regie in handen houden. Pas dan komt iemand tot verandering en is het effect blijvend.

© 2011 Ziazan kleuradvies en kledingadvies