In Weert ontkom je dezer dagen niet aan carnaval. Of je er nu wel of niets mee hebt. Winkels zijn gesloten, collega’s zijn niet te bereiken, het normale leven staat stil. Knap lastig, dat je nergens en bij niemand terecht kunt.
Uit deze regels kan je al halen dat ik niet zoveel met vastelaovond (carnaval op zijn Limburgs) op heb. Ik vind het leuk om te zien, maar niet om mee te doen. En ik baal dat ik elke keer weer mijn plannen moet bijstellen. Oh nee, dat kan nu niet want het is carnaval.
Het zien zit hem voornamelijk in de pekskes (kleding) die de feestvierders aanhebben. Ik kan het wel waarderen, al die kleuren en vormen. Je kunt zien dat sommigen er veel werk aan hebben gehad. Niet voor niets kan je al maanden van te voren speciale carnavalsstoffen kopen. Die tijd hebben ze ook hard nodig voor hun creaties. Sommigen leven zich echt volledig uit. Anderen gaan helemaal los met artistieke schmink. Maar of ze nu het één of het ander doen, of allebei, petje af voor de kunstenaars.
Als ik al die mooi aangeklede en geschminkte mensen zie lopen, gaat het wel een beetje kriebelen. Het lijkt me leuk om me ook eens zo exorbitant uit te dossen. Even helemaal anders dan anders. Vooral niet esthetisch verantwoord, dat moet ik de rest van het jaar al zijn. Er wordt op je gelet als je kledingadviseur bent.
Ik kan natuurlijk een pekske maken. Maar een kostuum naaien en deze niet dragen, gaat mij wat ver. En theatrale schmink zonder publiek heeft niet zo veel zin. De kat zal me er niets aardiger om vinden. Jammer dat ik geen carnavalist ben. Dan had ik er ook geen last van dat alles gesloten is. Misschien volgend jaar toch eens proberen?
